Zichtbaar
“We lopen de hele dag achter onze kinderen aan”, zegt vader Piet van drie kinderen in de leeftijd van 10, 13, en 15 jaar. “We zijn uitgeput”. Hij kijkt zijn vrouw Gera aan die er terneergeslagen bij zit. “Da’s erg”, zeg ik. “Dus jullie doen alles voor ze?” “Zoals je ziet”. Piet geeft de kinderen, die aan het gamen zijn, een blikje drinken. Geen kind bedankt, valt me op, ze nuttigen meteen.
Gera gaat verder: “we geven ze echt alles, maar nooit is het goed genoeg. Ze doen hier precies waar ze zin in hebben. Laatst kwam de oudste aangeschoten thuis, u moet weten, ze is pas 15 jaar. Ze moest het weekend erop thuisblijven, maar ze ging er toch vandoor”. “En die grote monden” vult vader aan, “ik kan er niet meer tegen”. “Ach het zijn ook wel pubers”, bagatelliseert moeder. Ze krijgen onenigheid over de opvoeding. “Vuur zit er nog”, denk ik bij mezelf.
Nu moet ik iets bedenken wat direct toepasbaar is en een grote kans maakt op succes. Ik heb in hun verhaal niks vernomen over wederkerig contact. “Zij deden alles voor hun kinderen”. Ik zou het ook wel weten, lekker elke dag verwend worden. Dan vraag ik Piet en Gera of ik iets van hun verhaal vinden mag. In koor: “natuurlijk! Daar kom je voor”. Ik houd van direct. “Dan zijn jullie vanaf nu de koning en de koningin van dit gezin. Jullie kinderen gaan vanaf nu ook rekening met júllie houden”. Piet en Gera kijken me vragend aan. Ik neem een pauze. Er komt niks vanuit hen. Ik vervolg, “Wie wat drinken wil mag het pakken en vraagt meteen wat de anderen willen, inclusief aan júllie!”
Het is weer even stil, de hoofden van Piet en Gera draaien woordeloos naar elkaar. Verbaasd en traag. “Dat gaan ze nooit doen” zegt Gera. “En koffie maken kan er geen een”. Piet kijkt naar zijn gamende kinderen, opnieuw naar zijn vrouw, dan naar mij. “Zoiets zou wel heel fijn zijn”. Het is opnieuw stil en ik vul de leegte. “Jullie vragen niks terug, jullie vertellen hun niet wat je bezighoudt. Jullie geven alles wat in je vermogen ligt, en nemen niks. Als mens, als ouder, zijn jullie voor hen niet zichtbaar”. Er wordt geknikt, heen en weer gekeken. En dan, “Klopt!” zegt Gera. Ze zit er nu iets actiever bij.
De hulp in dit gezin kan starten. Zorgen voor elkaar, elkaar waarnemen, het lijkt zo simpel.
Carine, Juli ‘26